zondag 25 januari 2026

EEN ONBEGRIJKELIJKE ZAAK

 

B.W. Beernink

I. de Keijzerstraat 20

7091 GX  Dinxperlo                                                                                     Dinxperlo 12 januari 2026

 

 

 

EEN ONBEGRIJPELIJKE ZAAK.

 

Het is voor mij onbegrijpelijk dat een buurtgenoot, nu ex, woonachtig op ’t Vorster, zich hebben verlaagd tot de  grootste lafaards, leugenaars en loopjongens van De Heurne.  (Ofwel de 3 L en)


 Waarom ik dit zo schrijf, ze hebben het zich zelf aangedaan ofwel = een probleem veroorzaken dat er helemaal niet was en er ook nooit is geweest =

 

Mijn gevoel dat dit gekomen is omdat zij last hebben van,  of lijden aan, “Grootheidswaan” en wij kunnen ons dit veroorloven omdat…….., hier kan ik enkele opmerkingen plaatsen, doe het maar niet meer.

 =Dat zij zich hebben ingelaten en laten sturen door een persoon, Gerhard Veerbeek, waarvan mijn Moeder altijd gezegd heeft: Hou hem op een afstand, wanneer hij je nodig heeft en doet wat hij je wil laten doen, dan ben je zijn grootste vriend. Maar o-wee wanneer hij door heeft dat je hem aan kunt, dan ben je opeens zijn grote vijand en hij maakt je zwart, heeft hij met mij (1992) en Karel (1978) ook gedaan. (Zal maar niet schrijven hoe zwart hij jullie toen heeft gemaakt) (zie mijn levensverhaal)=

 Bovenstaand is een nadenker voor de bewoners v.h. “Vorster”

 (Laat iedereen zich goed bedenken dat mijn moeder is in 1933 in “de Bos” is komen wonen en heeft hem van kinds af aan meegemaakt).

Zij hebben mij in één woord vernederd tot op het bot en diepste van mijn ziel, dat durfden ze toen en nu nog niet rechtstreeks te doen, alleen maar via chantage door mijn broertje Karel (waarom schrijf ik dit zij hadden het ook over kleine broertje)

  Bewust en moedwillig, chantage plegen, bedriegen en liegen, schaamteloos misbruik van iemands situatie ( handicap) vernederen tot op het bot en ziel, dan behoor je wel tot de Falderappesen van De Heurne

 ier zeggen we falderabes, voor de gein eens op het Internet gekeken of dit woord bekend was, inderdaad, maar werd geschreven met p  (falderapes)

 Ben wel erg geschrokken hoe het daar was omschreven en al bekend in 1701 3 eeuwen geleden

 Je wilt niet weten wat ze daar over zeggen.   (bron wikipedia)

 

 Tot slot: hoop dat ze ook beseffen dat ze ook mijn ouders diep hebben vernederd, wanneer in hun gezin, zusje roepnaam DINI ? (Berendina Wilhelmina) geboren in 1938, net als bij Henk en Karel niets aan de hand was geweest, dan had hun gezin wel eens compleet kunnen zijn geweest, moeder had graag en dochter willen hebben. Dan was ik waarschijnlijk helemaal niet geboren en ik weet waarom ik mijn handicap heb.

 

Ga hier nu niet meer over schrijven heb ik al eerder gedaan, is in 1958 omschreven door orthopeed K Nederpelt omschreven als syndroom van Little, daar zet ik een inmiddels een heel groot ?? bij omdat moeder waarschijnlijk niets verteld heeft wat er allemaal gebeurd is. Kan het niet meer controleren, mijn dossier van 1958 bij S.Z. in Dtc is nergens te vinden, ik vermoed dat orthopeed K. Nederpelt dit zelf vernietigd heeft, omdat het hem niet dat succes gebracht heeft waar hij op gehoopt had.

 

In mijn ogen zijn het helden op sokken, wel naar iemand toegaan om hem te vernederen, wanneer zij zich aangesproken voelen, omdat ik hun op de vingers heb getikt, maar chantage plegen. Maar hebben dan niet eens het fatsoen om maar me toe te komen en dit zelf vertellen, dat ik hun beledigd zou hebben, terwijl zij mij wel 5/6 x over hebben vernederd.

 

In de affaire wil ik helemaal geen gelijk hebben, maar wel gelijkwaardig zijn en dat hebben ze me duidelijk laten merken dat ik dat niet was in hun ogen. Zoiets vergeet je nooit, al zou je het in je hoofd een plek hebben gegeven, maar het lichaam vergeet het niet.

 

Maar het ergste is eigenlijk dat bovenstaande niet nodig was geweest, wanneer ik de mogelijkheid zou hebben gehad om een houding aan te nemen van:

 

 “Wat wil je eigenlijk, wil je problemen hebben met je zelf, dan kun je die nu krijgen.”

 

 24 jan 2026


Hier onder een tekst die al enkele jaren geleden op Fb voorbij zag komen, die wel is binnen gekomen bij enkele personen.







 


woensdag 5 november 2025

SMERIGE EN ONBESCHOFTE BRUTALITEIT

 



B.W. Beernink, I. de Keijzerstraat 20 7091GX  Dinxperlo 03.11.2025

 

Pagina 1

 Onderstaand publiceer ik naar aanleiding van een artikel geschreven in een Dagblad, Gelderlander!?, nu gezegd met mijn eigen woorden: “De Brutaalsten” hebben altijd de halve wereld.

 

Wat ik hier allemaal geschreven heb, was niet nodig geweest wanneer één echtpaar ook de genoemde normen en waarden hoog in hun vaandel  hadden staan ( zie pagina 4). Helaas ben ik de dupe geworden van hun arrogantie, en grootheidswaan en van =wij kunnen ons dit veroorloven=, schaamteloos misbruik maken van mijn situatie en hebben daardoor ook mijn ouders diep vernederd, zij, mijn ouders, wisten wat er zich om en voor mij heeft afgespeeld.

 

Zij hebben niet het fatsoen, lef en moed om mij persoonlijk te vertellen dat ik hun beledigd zou hebben, laat me toch niet lachen, vergeleken met hun vernederingen naar mij toe.  Ook omdat zij  veel boter op hun hoofd en drek aan hun vingers hebben.

 

 

B.W. Beernink

I. de Keijzerstraat 20

7091GX Dinxperlo                                                               Dinxperlo 5 juli 2025

 

 

Onderstaand is voor  mij min of meer een handleiding wanneer ik kans had gekregen om hier mondeling eens 5 personen ( minimaal 3 ) mondeling eens flink de oren had kunnen wassen.

 

In principe heb ik alle trammelant voor 95% te danken aan 2 personen ( 2 ). In mijn ogen hebben zij wel 30 leeftijd genoten van 1956 t/m 1961 die gezorgd hebben dat ik ook op tijd op de M U L O school in Aalten was, beledigd.

 

Dan wil ik het maar niet hebben over, dat ik dankzij de medewerking van wel 40 collega’s 43 jaar bij de “M.D.” heb kunnen werken. ( 2e belediging)

 

                              Schaamteloos misbruik maken van……. Door een buurtgenoot

  Pagina 2

 Ik heb nooit een kans gekregen om mijn kant van het verhaal te vertellen over “Misbruik maken van …… door 5 personen, begonnen door 1) en 2). Dit heb ik mede te danken aan mijn eigen broer Karel, die meende naar mij toe, zich alles

te kunnen veroorloven. Hij heeft nooit naar mij willen luisteren, dacht er mee weg te komen, dat was miskleun van hem.

 

In het najaar van 1988 is eigenlijk alles al begonnen, toen er een nieuwe aanliggende eigenaar kwam 1). Wat hij allemaal op de kadastrale scheiding heeft uitgespookt heb ik maar  weg gekeken. Hij dacht zich t.o.v. mij alles te kunnen te veroorloven, liep vaak op mijn grond langs de afrastering en stond te kijken over zijn grondstuk en dusdanig dat ik dat elke keer weer zien moest, dat hij weer stond te kijken, dat begon me te vervelen, toen heb ik hem een koekje van eigen deeg gegeven en daar kon hij niet tegen, maar  wist drommels goed om maar niet te zeggen ……. goed waarom ik dat gedaan had.

 

Toen dacht hij slim te zijn door een buurtgenoot  2) van mij op me af te sturen, dat had ik inmiddels van mijn oudste broer Henk gehoord, want hij werd door hem (2) gebeld, met de mededeling dat hij een probleem had. De aanliggende eigenaar had hem letterlijk de opdracht gegeven, hij had er voor te zorgen dat de aanplant verwijderd werd. Was de reinste leugen van hem (2)

Wanneer de buurtgenoot juist had gehandeld, dan had hij moeten zeggen dat doe ik niet, maar hij heeft zich laten gebruiken en zich laten sturen, dan was er niets gebeurd.

 

Hij (2) heeft hier op zeer onbeschofte wijze en schaamteloos misbruik gemaakt van mijn situatie

 Op een avond kwam hij naar me toe, wist niet hoe hij beginnen moest. Hij heeft zich hier schaamteloos laten misbruiken door 1).


 De vernederingen door hem 2) voor mij waren:

 

1  Door mijn broer Henk te bellen van: “Ik heb een probleem”

2  Door na me toe te komen onder het mom van:  had je dit enz.

3  Op een vernederende manier van praten

4  Bennie, had je dat niet anders kunnen doen

5  Heb gezegd als 1) een probleem heeft met mij, dan moet 1) zelf komen, 2) mompelde toen    binnenmonds, doet hij toch niet.

 

 Pagina 3

 6  Kon niet eens afspreken "bemoei je er niet mee", hij gaf niet eens fatsoenlijk antwoord.

 Dit waren voor mij 6 ultieme vernederingen, die hij/zij donders/……. weten en had het ongemerkt nog over, ben voorzitter van CHMK en raadslid ook nog wijzen met vingertje, dus……, vul maar in, het ging in het geniep, wel gehoord, pech voor hem dat ik heel scherp hoor. Had een houding van zoiets……… kan ik me dit veroorloven.

 Ik zeg, hij heeft mij op de meest onbeschofte manier behandeld en schaamteloos misbruik gemaakt van mijn situatie 3) en vernederd tot het bot en in het diepst van mij ziel.

 Maar het ergste voor mij is nog, hij (2) zou dit bij niemand anders in De Heurne gedaan hebben en weet hij donders/……  goed, want dan had hij grote problemen gekregen.

Kon helaas door mijn situatie 3) geen stevige fysieke houding aan nemen van: ………………………….

2) wat wil je eigenlijk, zeg het maar, dan laat ik je nu alle hoeken v.d. Welskerbos zien, dan was/waren hij/zij in één keer genezen.

 En dan zeuren dat in hen beledigd zou hebben, ze hebben zich belachelijk gemaakt. Waarom kon hij dan toen niet naar me toekomen en me dit te vertellen, maar kwam wel om mij te vernederen, ze weten verdomd goed dat ze fout bezig waren geweest.

 Ze (2) hebben op de meest onbeschofte manier en schaamteloos misbruik gebruik gemaakt….. 3) en ook nog liegen en bedriegen, als we het niet redden maar chantage plegen, door broer Karel te bellen, over hem wil het nu niet hebben omdat hij last had van ernstige N P S aandoening naar mij toe. Daar kan ik veel over zeggen, maar hou het voor me, voorbeelden in overvloed. Kort samengevat = Hij was een einzelgänger = ikke, ikke en de rest interesseerde hem geen bal, heeft hij eens letterlijk tegen me gezegd. 

Hij (2) kon alleen maar schelden over de telefoon, dan ben je ontzettend laf. Kan alleen maar zeggen dat zij 2) tot de grootste lafaards, leugenaars en

 Pagina 4

loopjongens van De Heurne hebben verlaagd. Denk dat ze lijden aan Grootheidswaan, daardoor vallen ze nu wel heel diep.

 Had ook het woord falderappes (4) kunnen gebruiken, de betekenis  hiervan was al bekend in begin 1701, nu al 3 eeuwen geleden, bij enkele

bevolkingsgroepen,  dat woord maakt het nog erger voor hun, zal hun (2) dit maar besparen.

Zij vergeten echter dat zij mijn ouders ook diep hebben vernederd, die konden er niet over praten, maar ik mag er niet over praten omdat het  hier zulke heilige boontjes zijn.

1)    Gerhard Veerbeek   (1933-1994)                             

2)    Gert en Gerda Keuper

3)    Mijn handicap

4)    Dat woord was 3 eeuwen geledenal bekend  (bron Wikipedia)

       5) mijn broers Henk en Karel

Al het bovenstaande heb ik in 1993, kort en bondig besproken met juristen v.h. juridisch loket.

“Zij hebben mij letterlijk gezegd, dit is het smerigste dat we ooit gehoord hebben”.

En hier komt dan kort en bondig de 7e vernedering 

Had de Jachtcombinatie K. en Cons., het recht om te jagen op mij perceel op eenvoudige wijze ontzegt, door bordjes = Verboden Toegang= aan te brengen. Maar wel aan broer Henk vragen, waarom heeft hij ( ik ) dat gedaan. Henk heeft toen gezegd, dat moet je hem zelf maar vragen. Hij is er nooit geweest, maar had wel de onbeschoftheid om een mede jager te sturen voor verlenging. Hij wist dat hij mij persoonlijk moest vragen, om te tekenen, was een stilzwijgende afspraak.

Naar aanleiding daarvan heb ik twee asociale scheldpartijen over me heen gekregen van mijn eigen broers, wat nergens op sloeg, dat wisten ze beide. Dat heb weer te danken aan hun (2)

Voor deze 5 personen was: chantage, liegen & bedriegen, schaamteloos vernederen normaal.

Pagina 5

Niemand die dit leest, kan en wil begrijpen dat zij (2) dat zij zich verlaagd hebben tot de grootste lafaards van De Heurne,  en ik al helemaal niet. Wil je zoiets verwerken, dan moet

Je het van je afschrijven en eigenlijk denken, …. .. …. ………, dat is het beste wat je kunt doen, zoals ik vernederd ben, vergeet je nooit.

 Laat iedereen goed beseffen dat ik getracht heb al mijn blogs te schrijven in een nadenk vorm, of dat altijd gelukt is weet ik niet voor 100%, heb mijn best gedaan.

De uitgangspunten waren:

Wanneer ik iets gedaan zou hebben, dan wou ik dat persoonlijk horen van de belanghebbende (1) en dat is nooit gebeurd. Bij mij ging alles via, via, gelukkig waren het maar 5 personen, weten ze donders goed. Helaas hoorden ook mijn eigen broers bij.

                                                     En

Algemene normen en waarden die voor iedereen het zelfde zijn

Iedereen heeft een voorbeeld functie

Integer handelen ofwel:

Wil je zelf netjes behandeld worden, begin dan met een ander netjes te behandelen

Nooit bemoeien/inlaten met andermans zaken

Je nooit laten sturen. (addertje onder ’t gras)

Het gaat me niet om het gelijk hebben, maar wil wel gelijkwaardig zijn.

Dinxperlo 14.07.2025

Dan moet je een stevige fysieke houding kunnen aannemen van:

wat wil je eigenlijk, zeg het maar, dan laat ik je nu alle hoeken v.d. Welskerbos zien, dan was/waren hij/zij in één keer genezen.

 

Wanneer je zoiets eigenlijk ook tegenover broer Karel (1936-2024) moet doen, dat is wel in en in triest.

 

 Pagina 6

 Karel heeft nooit naar mij willen luisteren, kletste overal over heen. Meende zich alles te kunnen veroorloven naar mij toe. Maar hij is wel 2x  snoeihard door de mand gevallen.

 

Dinxperlo  22 juli 2025

 

 Conclusie: De loopjongens van (2) hebben zich verlaagd tot:  “De falderappessen van De Heurne.  (de betekenis hiervan zie Wikipedia)

 

 P.S. mijn schrijven van 5 juli t/m 22 juli was zuiver weer alle ellende, vooral wat niet nodig was geweest, de vernederingen, van me af schrijven, vaak na een veel dagelijkse pijngevoelens mee gemaakt te hebben, ofwel het “Onbegrepen Pijngevoel”. Ofwel Ünheimliches Gefühl”


Een heel goede opmerking is deze:

''Respecteer de ander zoals u zelf gerespecteerd wilt worden.''


Kan ook zeggen:

Wil je zelf netjes behandeld worden, begin dan om ook de ander netjes te behandelen.



donderdag 3 juli 2025

DIVERSE WETENSWAARDIGHEDEN IN 2025

 



Op onderstaande zit rechts Grace v.d. Berg, zij heeft deze geschiedenis (levensverhaal)  over Hendrik Willem Beernink geschreven. wij hebben haar ontmoet in 1992 tijdens ons bzoek a.d. Beernink Farm in IOWA.


Beernink, Hendrik W. & Wilhelmina Heideman 

BEERNINK, HEIDEMAN, NIJLAND

Posted By: Wilma J. Vande Berg - volunteer (email)
Date: 2/2/2021 at 08:27:14

Beernink, Hendrik W. & Wilhelmina B. Heideman

This Beernink Biography was taken from the 1991 Sioux Center Centennial Book page 227 submitted by Donna Beernink. Transcribed for Bios by Wilma J. Vande Berg.

Mr. and Mrs. H. W. Beernink were among the first settlers in the Sioux Center area. Hendrik Willem Beernink was born in Wisch, Gelderland, The Netherlands, on October 17, 1842, the son of Sevrien and Hendrijna (Nijland) Beernink. In 1856, the family moved to De Heurne, Dinxperlo, into a home called ‘Harmenhuis”. Hendrik and his brother Hendrik Jan left Dinxperlo for the United States in May of 1866 and then returned to The Netherlands together.

Hermina Bernhardina (or Berendiena), later called Wilhelmina, was born December 19, 1842 to Theodor Johann (also known as Derk Jan) and Adelheid (also known as Aaltjen) Tieltjes Heideman in Suderwick, Germany. In 1862, Wilhelmina or the entire family moved to Dinxperlo, directly across the border. Wilhelmina worked as a governess in The Netherlands before her marriage.

Hendrik W. and Wilhemina B. were married in Dinxperlo on May 28, 1868 and emigrated to the United States in June of 1868, settling in Alto. Wisconsin. It was there that their two eldest children were born Simon on September 11, 1868, and Johan (John) on April 22, 1871. Hendrik had been a tailor in The Netherlands and continued this trade in Alton sometime going to homes to sew and often working for .30 cents a day.

Hearing about homestead land available in Iowa, the Beernink family traveled by train to Alton, Iowa in the late 1871 or early 1872 and settled on a farm in section 8 of West Branch township, 1 mile south and ¾ mile west of ‘Old Town’ Sioux Center. It was on this homestead that 6 more children were born; Ella on November 4, 1873; Hendrik (Henry) Jan on September 4, 1875; Rubert (Rueben) on January 3, 1878; Hendrika (Hattie) on Dec 26, 1879; Gerrit on Dec 8, 1881; and Johanna on February 18, 1885, 4 year old Gerrit died on March 13, 1886 after falling from a hay loft doorway onto the ground below.

The Beernink’s first home was a sod dugout which Hendrik built while Wilhelmina and the two boys boarded at the Van Wechel home in Orange City. Hendrik crossed the prairie with a team of oxen to the Rock River, a distance of about 13 miles, to cut trees for the thatched roof of the dugout, which was then covered with sod. Fuel was also brought from the Rock River, the men starting out at midnight with a team of oxen pulling a wagon and then returning the next night with trees, some quite green so they would burn longer. Buffalo ‘chips’ and prairie hay ‘twists’ were also used for fuel.

One wintry day the thatched roof of the sod hut caught fire and the hut burned down, leaving the family homeless. They were offered refuge with the Johan D. Wandscheer family (their neighbor ½ mile away until their home was repaired the following spring. The family was fortunate to have stored a supply of potatoes and a butchered hog in their root cellar; these were shared with the Wandscheers.

The second home was built on the line between the homestead and an 80 acre ‘Tree Claim’ adjoining the homestead, Not having the money for the required tree plantings and other improvements, the Beerninks sold the claim to a neighbor for $1. Per acre and a cow. Later a frame house was built of cottonwood, but when the wood dried, it shrank so badly that great cracks were left in the walls and ceilings. Snowdrifts would cover the floors and beds at times, causing the family to long for their warm sod hut. The two feather beds Wilhelmina had brought with her from the Netherlands were, she said, what kept them from freezing to death!

The decade of the 1870’s brought the ‘grass hopper plague’. Swarms of grasshoppers darkened the sky and settled to devour everything in sight. Three years of this plague left the settlers with scant fare, but a good crop the fourth year brought 100 bushels of wheat which was sold for a $1 a bushel. That year the Beerninks, having gone by ‘sun time’ since their arrival in the States, bought their first clock, a real luxury to them.

Some years later the Beerninks built a new house on the farm where they lived until retiring to a new house in Sioux Center in 1899, at which time their son Simon and his wife Jessie moved to the homestead. ( The farm home burned down in September of 1979, 10 months after Simon’s son William and his wife Johanna had moved out of it into an apartment at the New Homestead).

The Beernink Family were members of the Frist Reformed Church in Sioux Center, but before that church was organized and built they walked to mid- week services held in a rural school house 2 miles east of Sioux Center. Those services were led by Rev. S. Bolks of Orange City. Later the family transferred their membership to Central Reformed church in Sioux Center.

The Beerninks always had a large garden, raising almost every kind of vegetable as well as watermelon, muskmelon, and citron. They also had gooseberry and currant bushes and beautiful rose bushes. Vegetables such as sauerkraut, cut beans, and cucumbers were all salted down and stored in 3-20 gallon stone crocks. Pork was also salted down or fried, covered with lard, and stored in crocks. Potatoes were stored in bins, in cellar or cave, as were cabbages, which hung from rafters, heads down. Carrots were stored in soil in crocks, No garden seeds were available in stores, so the family selected and dried the choicest ears of corn and all kinds of vegetable seeds for the next year’s plantings. Eggs were often stored in oats for the winter in air tight pails which were gently tuned upside down from time to time to keep the egg yolks centered. Later on when times were better, three or four barrels of apples were bought in the fall and stored in the cellar, and every evening each one in the family enjoyed an apple.

One of the highlights of this time was the laying of the railroad track and the coming of the train, ca. 1889. The working crew, who spoke a different language, lived in tents along the road, east of the Beernink home. The youngest daughter Johanna, finally got up enough nerve to get acquainted with the worker’s children and enjoyed playing with them. Sometimes they would gather milkweed pods, which their mothers would use tor stuffing pillows.

Hendrik loved to travel. In 1900 he took a trip to the Netherlands and later traveled through almost every state in the Union. He attended several World Fairs, and spent several winters in Mexico, Florida and other warm climates. Denver and other large cities were also visited by him.

Hendrik died Jun 8, 1925 at the age of 82 years. Wilhelmina died on September 22, 1932 at the age of 89 years. Both are buried in Memory Gardens Cemetery in Sioux Center.

Simon married Johanna Jacoba (Jessie) Van Berkum (May 15, 1879 – January 8, 1958), on June 24, 1898. They had 5 children Mabel Mrs.John G. Vande Berg; Grace Mrs. Douwe Vander Berg; Esther Mrs. G. Neal Schoep, William S., and Ella Mrs. Gerrit J. Vande Berg, Simon died April 2, 1956. The story of this family appears separately In the Sioux Center Centennial book.

John married Jennie Roos (July2, 1877 – May 16, 1945) on June 16, 1892. They had 6 children Helen Mrs. Gerrit W. Hulstein, Alice, Andrew, Harold, Dorothy Mrs. Joseph McCormick, and Gilmore. John died July 19, 1940. The story of this family also appears separately in the Sioux Center Centennial book.

Ella married Henry De Mots (Feb 20, 1869 – August 1, 1911) on August 25, 1892. They had 5 children. Maude born February 25, 1893, married Eugene Edwards (December 6, 1886-February 16,1971) on April 20, 1923, and died December 28, 1969 in Downey California. William E., born October 6, 1896, married Marie Mettendorf (November 5, 1896-Sept 25, 1986) in May 1921 and died November 14, 1962 in Long Beach California. Gilbert born March 11. 1900, died in 1903. Lawrence Aaron Bob, born February 24, 1902 married Gladys Ijhorst August 8, 1904 in July 1929. Bob lives in a rest home in Redding, California and Gladys lives in Tacoma, Washington. Leona Johanna, born May 30, 1905 married Benjamin Nicholson (April 28, 1898 – March 16, 1965). Her second marriage was to Austin V. Davis (September 8, 1903 – January 30, 19075) on December 23, 1950. Leona lives in Burbank Califonia. Ella Beernink De mots died May 10, 1948.

Henry remained single. As a young man he worked in the livery barn owned by his brother in law Henry De Mots and also lived in the home of Henry and Ella for many years. When his father died, Henry went to live with his mother, and when she became ill, Henry’s sister and husband, George and Johanna Siemen, moved in with Henry and his mother. Henry remained with the Siemans until his death on July 10, 1963.

Reuben married Katherine De Gooyer (March 19, 1885-January 4, 1944) on March 10, 1904. They had 2 children. Harold W. born April 28, 1910 married Marie Mouw born November 25, 1910, in December 1936, and died Dec 6, 1978. Marie lives in Woodland, California. William R. born November 22, 1918, married Esther De Boer (February 2, 1920 – Dec 7, 1968) on September 18, 1944, and died on April 25, 1987. Reuben died December 19, 1951.

Hattie Married Gerrit Ellerbroek (November 16, 1881-October 18, 1950) on June 29, 1904. They had 2 children: Vernon and Willmer. Hattie died April 29, 1959. The story of this family appears separately in the Sioux Center Centennial book.

Johanna married George D. Siemen (November 10 1881 – Jul 2, 1971) on December 31, 1907. They had 2 children. Vivian, born July 9, 1911, married Andrew George of Waterloo, Iowa on July 9, 1938 and died October 3, 1983. Myron ‘Mike’ , born September 3, 1913, married Marion Holden of White, South Dakota on Jan 3, 1937, and died February 17. 1981. Marian lives in Sun City AZ Johanna Beernink Siemen died November 20, 1968.


 

Sioux Biographies maintained by Linda Ziemann.
WebBBS 4.33 Genealogy Modification Package by WebJourneymen

 

 Beernink, Hendrik W. & Wilhelmina B. Heideman

 

Deze biografie van Beernink is afkomstig uit het Sioux Center Centennial Book uit 1991, pagina 227, ingediend door Donna Beernink. Getranscribeerd voor Bios door Wilma J. Vande Berg.

 

De heer en mevrouw H.W. Beernink behoorden tot de eerste kolonisten in het Sioux Center-gebied. Hendrik Willem Beernink werd op 17 oktober 1842 geboren in Wisch, Gelderland, Nederland, als zoon van Sevrien en Hendrijnna (Nijland) Beernink. In 1856 verhuisde het gezin naar De Heurne, Dinxperlo, naar een huis genaamd 'Harmenhuis'. Hendrik en zijn broer Hendrik Jan vertrokken in mei 1866 vanuit Dinxperlo naar de Verenigde Staten en keerden vervolgens samen terug naar Nederland. Hermina Bernhardina (of Berendiena), later Wilhelmina genoemd, werd op 19 december 1842 geboren als dochter van Theodor Johann (ook bekend als Derk Jan) en Adelheid (ook bekend als Aaltjen) Tieltjes Heideman in Suderwick, Duitsland. In 1862 verhuisde Wilhelmina, of het hele gezin, naar Dinxperlo, direct over de grens. Wilhelmina werkte vóór haar huwelijk als gouvernante in Nederland. Hendrik W. en Wilhemina B. trouwden op 28 mei 1868 in Dinxperlo en emigreerden in juni 1868 naar de Verenigde Staten, waar ze zich vestigden in Alto, Wisconsin. Daar werden hun twee oudste kinderen geboren, Simon, op 11 september 1868. 1868, en Johan (John) op 22 april 1871. Hendrik was kleermaker in Nederland en zette dit beroep voort in Alton, waar hij soms bij mensen thuis ging naaien en vaak voor 0,30 cent per dag werkte. Toen de familie Beernink hoorde over de beschikbare landbouwgrond in Iowa, reisde ze eind 1871 of begin 1872 per trein naar Alton, Iowa, waar ze zich vestigden op een boerderij in sectie 8 van West Branch Township, 1 mijl ten zuiden en ¾ mijl ten westen van 'Old Town' Sioux Center. Op deze boerderij werden nog 6 kinderen geboren: Ella op 4 november 1873; Hendrik (Henry) Jan op 4 september 1875; Rubert (Rueben) op 3 januari 1878; Hendrika (Hattie) op 26 december 1879; Gerrit op 8 december 1881; en Johanna op 18 februari 1885, de 4-jarige Gerrit overleed op 13 maart 1886 nadat hij uit de deuropening van een hooizolder op de grond was gevallen. Het eerste huis van de Beerninks was een zodenhut die Hendrik bouwde terwijl Wilhelmina en de twee jongens inwoonden bij de familie Van Wechel in Orange City. Hendrik stak de prairie over met een span ossen naar de Rock River, een afstand van ongeveer 20 kilometer, om bomen te kappen voor het rieten dak van de hut, dat vervolgens werd bedekt met zoden. Brandstof werd ook aangevoerd vanuit de Rock River; de mannen vertrokken om middernacht met een span ossen die een wagen trokken en keerden de volgende nacht terug met bomen, waarvan sommige behoorlijk groen waren zodat ze langer zouden branden. Buffalo 'chips' en prairie hooi 'twists' werden ook gebruikt als brandstof. Op een winterdag vatte het rieten dak van de zodenhut vlam en brandde de hut af, waardoor het gezin dakloos werd. Ze kregen onderdak aangeboden bij de familie Johan D. Wandscheer (hun buurman op een halve mijl afstand) totdat hun huis het volgende voorjaar was gerepareerd.Het gezin had het geluk een voorraad aardappelen en een geslacht varken in hun kelder te hebben opgeslagen; deze werden gedeeld met de Wandscheers. Het tweede huis werd gebouwd op de grens tussen de hoeve en een aangrenzende 'Tree Claim' van 80 acre. Omdat ze geen geld hadden voor de benodigde aanplant van bomen en andere verbeteringen, verkochten de Beerninks de claim aan een buurman voor $1 per acre en een koe. Later werd er een houten huis van populierenhout gebouwd, maar toen het hout droogde, kromp het zo erg dat er grote scheuren in de muren en plafonds ontstonden. Sneeuwduinen bedekten soms de vloeren en bedden, waardoor het gezin verlangde naar hun warme plaggenhut. De twee veren bedden die Wilhelmina uit Nederland had meegenomen, waren, zei ze, wat hen voor de dood had behoed! In de jaren 1870 kwam de 'sprinkhaanplaag' opzetten. Zwermen sprinkhanen verduisterden de lucht en streken neer om alles wat ze tegenkwam op te eten. Drie jaar van deze plaag lieten de kolonisten met weinig voedsel achter, maar een goede oogst in het vierde jaar bracht 100 bushels tarwe, die voor $1 per bushels verkocht werd. Dat jaar kochten de Beerninks, die sinds hun aankomst in de Verenigde Staten 'zonnetijd' hadden aangehouden, hun eerste klok, een ware luxe voor hen. Enkele jaren later bouwden de Beerninks een nieuw huis op de boerderij waar ze woonden tot ze in 1899 met pensioen gingen in een nieuw huis in Sioux Center. Toen verhuisden hun zoon Simon en zijn vrouw Jessie naar de boerderij. (De boerderij brandde af in september 1979, tien maanden nadat Simons zoon William en zijn vrouw Johanna waren verhuisd naar een appartement in de New Homestead.) De familie Beernink was lid van de Frist Reformed Church in Sioux Center, maar voordat die kerk werd opgericht en gebouwd, liepen ze naar de diensten halverwege de week, die werden gehouden in een schoolgebouw op het platteland, drie kilometer ten oosten van Sioux Center. Deze diensten werden geleid door dominee S. Bolks uit Orange City. Later werd het gezin lid van de Central Reformed Church in Sioux Center. De Beerninks hadden altijd een grote tuin en verbouwden bijna alle soorten groenten, waaronder watermeloen, muskusmeloen en citroen. Ze hadden ook kruisbessen- en aalbessenstruiken en prachtige rozenstruiken. Groenten zoals zuurkool, snijbonen en komkommers werden allemaal gezouten en bewaard in stenen vaten van 11 tot 75 liter. Varkensvlees werd ook gezouten of gebakken, bedekt met reuzel en in vaten bewaard. Aardappelen werden in bakken bewaard, in kelders of grotten, net als kool, die met de kop naar beneden aan de spanten hing. Wortels werden in aarde in vaten bewaard. Er waren geen tuinzaden verkrijgbaar in de winkels, dus selecteerde en droogde de familie de beste maïskolven en allerlei soorten groentezaden voor de aanplant van het volgende jaar. Eieren werden vaak in haver bewaard voor de winter in luchtdichte emmers die van tijd tot tijd voorzichtig werden omgekeerd om de eidooiers in het midden te houden. Later, toen de tijden beter waren, werden er in de herfst drie of vier vaten appels gekocht en in de kelder opgeslagen. Iedere avond genoot ieder gezinslid van een appel. Een van de hoogtepunten van deze tijd was de aanleg van de spoorlijn en de komst van de trein, rond 1889. De werkploeg, die een andere taal sprak, woonde in tenten langs de weg, ten oosten van het huis van Beernink. De jongste dochter Johanna had eindelijk genoeg lef om kennis te maken met de kinderen van de arbeiders en speelde graag met hen. Soms verzamelden ze peulen van zijdeplant, die hun moeders gebruikten als vulling voor kussens. Hendrik hield van reizen. In 1900 maakte hij een reis naar Nederland en reisde later door bijna alle staten van de Unie. Hij bezocht verschillende wereldtentoonstellingen en bracht verschillende winters door in Mexico, Florida en andere warme klimaten. Ook Denver en andere grote steden werden door hem bezocht. Hendrik overleed op 8 juni 1925 op 82-jarige leeftijd. Wilhelmina overleed op 22 september 1932 op 89-jarige leeftijd. Beiden zijn begraven op de Memory Gardens Cemetery in Sioux Center. Simon trouwde met Johanna Jacoba (Jessie) Van Berkum (15 mei 1879 - 8 januari 1958), op 24 juni 1898. Ze kregen 5 kinderen Mabel Mrs.John G. Vande Berg; Grace Mrs. Douwe Vander Berg; Esther Mrs. G. Neal Schoep, William S., en Ella Mrs. Gerrit J. Vande Berg, Simon stierf op 2 april 1956. Het verhaal van dit gezin verschijnt apart in het Sioux Center Centennial boek. John trouwde met Jennie Roos (2 juli 1877 - 16 mei 1945) op 16 juni 1892. Ze kregen 6 kinderen Helen Mrs. Gerrit W. Hulstein, Alice, Andrew, Harold, Dorothy Mrs. Joseph McCormick en Gilmore. John stierf op 19 juli 1940. Het verhaal van dit gezin verschijnt ook apart in het Sioux Center Centennial boek. Ella trouwde op 25 augustus 1892 met Henry De Mots (20 februari 1869 - 1 augustus 1911). Ze kregen vijf kinderen. Maude werd geboren op 25 februari 1893, trouwde op 20 april 1923 met Eugene Edwards (6 december 1886 - 16 februari 1971) en overleed op 28 december 1969 in Downey, Californië. William E., geboren op 6 oktober 1896, trouwde in mei 1921 met Marie Mettendorf (5 november 1896 - 25 september 1986) en overleed op 14 november 1962 in Long Beach, Californië. Gilbert geboren 11 maart 1900, overleden in 1903. Lawrence Aaron Bob, geboren 24 februari 1902 trouwde Gladys Ijhorst 8 augustus 1904 in juli 1929. Bob woont in een bejaardentehuis in Redding, Californië en Gladys woont in Tacoma, Washington. Leona Johanna, geboren 30 mei 1905 trouwde met Benjamin Nicholson (28 april 1898 - 16 maart 1965). Haar tweede huwelijk was met Austin V. Davis (8 september 1903 - 30 januari 19075) op 23 december 1950. Leona woont in Burbank, Californië. Ella Beernink De Mots stierf op 10 mei 1948. Henry bleef alleenstaand. Als jongeman werkte hij in de pensionstal van zijn zwager Henry De Mots en woonde ook vele jaren in het huis van Henry en Ella. Toen zijn vader overleed, ging Henry bij zijn moeder wonen, en toen zij ziek werd, trokken Henry's zus en echtgenoot, George en Johanna Siemen, bij Henry en zijn moeder in. Henry bleef bij de Siemans tot zijn dood op 10 juli 1963. Reuben trouwde op 10 maart 1904 met Katherine De Gooyer (19 maart 1885-4 januari 1944).Ze kregen twee kinderen. Harold W., geboren op 28 april 1910, trouwde met Marie Mouw, geboren op 25 november 1910, in december 1936 en overleed op 6 december 1978. Marie woont in Woodland, Californië. William R., geboren op 22 november 1918, trouwde met Esther De Boer (2 februari 1920 - 7 december 1968) op 18 september 1944 en overleed op 25 april 1987. Reuben overleed op 19 december 1951. Hattie trouwde met Gerrit Ellerbroek (16 november 1881 - 18 oktober 1950) op 29 juni 1904. Ze kregen twee kinderen: Vernon en Willmer. Hattie overleed op 29 april 1959. Het verhaal van dit gezin staat apart vermeld in het Sioux Center Centennial-boek. Johanna trouwde op 31 december 1907 met George D. Siemen (10 november 1881 - 2 juli 1971). Ze kregen twee kinderen. Vivian, geboren op 9 juli 1911, trouwde op 9 juli 1938 met Andrew George uit Waterloo, Iowa en overleed op 3 oktober 1983. Myron 'Mike', geboren op 3 september 1913, trouwde op 3 januari 1937 met Marion Holden uit White, South Dakota en overleed op 17 februari 1981. Marian woont in Sun City, Arizona. Johanna Beernink Siemen overleed op 20 november 1968.

 

Familiefoto

 


 




            Hendrik Willem vertrekt weer, na een bezoek aan geboortehuis in De Heurne, naar Amerika


                                    Mooi gedicht over Hondsdagen ± 20 juli -- 19 augustus

 Hondsdaag’n

Op 20 juli is ut Sint Margriet
De Hondsdaag’n begint, ‘t is weer zo wied
Een maond lang is ut bedarfelijk weer
Breuierig, vochtig, de bacteriën gaot tekeer
De older’n onder ons zult nog wett’n
Da-j tijdens de Hondsdaag’n mot oppass’n met ett’n
Vrogger zonder koelkaste was dat een hele toer
Veurda-j ut in de gaat’n had smaakt’n de melk al zoer
En was de soep op zundag niet oppegaon
Werd ut maar meteen naor de varkens edaon
In de kelder bie de kökk’n daor was ut kold
En bleef ut ett’n bewaard bie de snieboon’n in ’t zolt
Die stopt’n ze in een Keulse pot met een planke en een keie
Daornöst stond ut bier en de treesjes met eie
Leep ie mangs bie mens’n de kökk’n binn’n
ko’j met de oog’n dichte de wasseldoek vinn’n
De neuse brach oe op ut goeie spoor
Eff’n deur ut laatste afwaswater en klaor
Ie könt oe dat haost niet meer veurstell’n
Net zoas ze ut weer kond’n veurspell’n
Zie keek’n naor de loch of tikk’n op ut glas
Zo gaf de barometer an of ut heuiweer was
En as ut règende op Sint Margriet
Hield ie zes wèken rèeg’n in ’t verschiet
Maar kwaam’n de Hondsdaag’n helder en klaor
Verwacht’n zie een goed jaor!

Bron Fb

 

                                      A‘m   old  wôdt

 

A’m old wôdt, wat krieg men de rugge dan stief!

Wat liekt dan de grond onwies lêge!

Iets oprapen ? Bu’j  ôk zoo mager as brood ,

Toch zit ow de boek in de wêge ,

         A’m old wôdt , wat liekt dan de arme toch kort ,

         A’m nog zonder brille wilt lêzen !

         Men reikt en men rekt, moar et blif te kort bi’j ,

         Zoodat  er un brille mot wêzen.

A’m old wôdt, wat vâlt et dan akelig op,

’t Ondudelijk proaten van vôlle!

Men kik en men lustert, de hand achter ’t oor,

Heurt niks, as un kleppermölle.’

        A’m old wôdt, wat went dan vôl dinger zich an.

       Um ôw in de hand te goan beven,

       Töt lêpel en vörke toe en ’t liekt ôw te gek,

       Anders liet i ‘j ôw ’n släbberken geven.

A’m old wôdt, wat liekt dan de nachten vaak lang,

Die vrogger te gaw ummevlôgen,

Moar umgekeerd vliegt weer de dage en joarn,

Die toe as un släkke bewôgen.

      A’m old wôdt, wat smaakt vôlle zaken niet meer,

      Die vrogger veur lekkerni’j golden

      En umgekeerd doe’j er ow hoofdmoaltied met,

      Woar’j vrogger nooit van hebt eholden.

A’m old wôdt, is men slecht op den tand!

Völ spöane en scheurde en brokken!

De rest is vaak met un knieptange ( of zo ),

Met un touw of deur ’n dokter etrokken.

      A’m old wôdt, dan liekt ons de jonkheid zoo mooi,

      Die’w vrogger vaak slecht estemierden.

      Vergêten is ’t leed en nog frisch heugt de vreugd,

      Van wa’w dei’jen en leer’n en probierden.

A’m old wôdt, den lêeft men die jonge tied

Van dag töt dag weer in gedachten.

Al ’t ni’js, dat ontstoan is, wi ‘j stoat er bi’j stil,

Ni’jsgierig, wat nog is te wachten.

      A’m old wôdt, wat zêgen, schoon alles ôk slit,

      As ’t heufd nog moar helder mag blieven,

     As ’t oldrende hart nog dartel zich vuult.

      Un geluk, met gin pen te beschrieven!

A’m old wôdt, wat zêgen, as ’t geen er ons heugt,

Niet tegen ons geet getugen,

Moar da’w wel bewust van völ zundigs en zwaks,

In deemoed et heufd meugen bugen.

      A’m oldt wôdt, wat zêgen, da’w dankboar en bli’j,

      Veur d’eeuwigheid veilig geborgen,

      Et roer uut de hand geeft, berôstend en stil:

      “Now loat dan un ander moar zôrgen”.

 

Een mooi gedicht/vers van Jan Willem uut Goor, voorgedragen in Varsseveld 4 sept 1936

 

Een mooi gedicht van Jan Willem uut ’t Goor, door hem zelf getypt, dat hij voordroeg in Varsseveld op 4 sept. 1936

 

===============================================================

 

 

B.W. Beernink I. de Keijzerstraat 32 Dinxperlo, 30 mei 2016

 

Nu onderstaand, geschreven door Theo Boland in het huidige dialect. (Waldspelling)

 

A’j old wordt

A’j old wordt, wat krieg i-j de rugge dan stief!
Wat liekt de grónd dan ónwies laege!
Iets óprapen? Bu-j ook zo mager as brood,
toch zit ów de boek in de waege.

A’j old wordt, wat liekt dan de arme toch kort,
a’j nog zónder brille wilt laezen!
I-j reikt en i-j rekt, maor ’t blif te kort bi-j,
zodat t’r een brille mót waezen.

A-j old wordt, wat vält ’t dan akeleg óp:
’t óndudelek praoten van völle!
I-j kiekt en i-j luustert, de hand achter ’t oor,
heurt niks as een kleppermölle 1).

A-j old wordt, wat went dan völle dinger zich an
um ów in de hand te gaon beven,
tut laepel en vörke toe en ’t liekt ów te gek,
anders liet i-j ów een släbberken geven.

A-j old wordt, wat liekt dan de nachten vaak lang,
die vrógger te gauw umme vlaogen.
Maor umgekeerd vliegt de dage en de jaorn,
die toen as een släkke bewaogen.

A-j old wordt, wat smaakt völle zaken niet meer,
die vrógger veur lekkerni-j golden.
En umgekeerd doe’j d’r ów hoofdmaoltied met
waor‘j vrógger nooit van hebt eholden.

A-j older wordt, bu-j licht slecht op d’n tand 2),
völ späöne en scheurde3)en brokken!
De rest is vake met de knieptange,
met een touw of deur d’n dokter etrokken.

A-j old wordt, dan liekt óns de jónkheid 4) zo mooi,
Die’w vrógger vaak slecht estemierden 5),
Vergaeten is ’t leed en nog fris heugt 6) de vreugd
Van wa’w deien, leerden en probierden.

A-j old wordt, belaef i-j die jónge tied
van dag tut dag weer in gedachten.
Al ’t ni-js dat ontstaon is, wi-j staot t’r bi-j stil,
ni-jsgiereg wat nog is te wachten.

A-j old wordt, wat zegen, schoon alles ook slit,
as ’t heufd nog maor helder mag blieven.
As ’t olderende hart nog dartel zich vuult:
een geluk met gin pen te beschrieven!

A-j old wordt, wat zegen, ‘tgeen er óns heugt,
niet tegen óns geet getugen.
Maor da’w, schoon bewust van völ zondigs en zwaks,
in deemoed ’t heufd mögt bugen.

A-j old wordt, wat zegen, da’w dankbaor en bli-j,
veur d’eeuwegheid veileg geborgen,
’t roer uut de hand geeft, beröstend en stil:
"Now laot dan een ander maor zorgen."

De Heurne: Jan Willem uut ’t Goor (D.H. Keuper)

Veurdracht in Varsseveld op 4 september 1936;
(niet gepubliceerd) Op-eschreven in de WALD-spelling

1) Kleppermölle /  wan(ne)molen ( graan, kaf en onkruid vrij maken)
2) Slecht op d’n tand = slecht gebit
3) Späöne en scheurde = houtspaanders en scherven van aardewerk
4) Jonkheid = jeugd
5) Estemierden = waardeerden
6) Heugen = zich herinneren

 


Hier zie je nog een ouderwetse wannemolen, die handmatig bediend kon worden, heb het wel eens gezien tijdens een oogstfeest, het klepperde nogal. op Youtube staat een filmpje, die handmatig wordt bediend.


2 apr 2024 bron Internet

Een wannemolen was een handmatig aangedreven machine waarmee men graankorrels van het kaf en onkruidzaden scheidde. Men draaide met een zwengel een schoepenrad rond in een gesloten trommel. Daardoor ontstond een luchtstroom die het lichtere kaf wegblies, terwijl de zwaardere graankorrels naar beneden vielen. ° Robin Van Kerschaver: "...Gaston De Meyere uit Donk, bewoner van de Pispothoeve.." John Maenhout: "...Veel uurtje aan gedraait, te traag of te snel, kennis nodig volgens de graan soort. Maar als kind was men wel een werkkracht, waren andere tijden..."




Hieronder een foto van een handmatige wanne.



Zo werd het vroeger gedaan, toen het graan met klepelen van de aren werd geslagen, om het onkruid vrij te maken. Dit is een kleine van riet gevlochten mand.

 Kan me nog herinneren dat buurman Herman Rensink ook zo’n mand had, groter  dan deze, met handvaten a.d. zijkant. Dat was al eind 40er -  begin v.d. 50er jaren.

Hij is al in begin oktober 1953 plotseling op 61 jarige leeftijd overleden.

                                         Dorsvlegel


Tijdens speciale oogstdagen worden deze nog wel gebruikt om te laten zoals het vroeger werd gedaan


                                            31 juli 2025

Geschiedenis New Hyde Park in Doorn  (bron Wikipedia)

 

Hydepark is een landgoed en conferentiecentrum in Doorn. Het conferentiecentrum is eigendom van de Protestantse Kerk in Nederland.

Geschiedenis

Oranjerie

In 1815 kocht de koopman H.P. Hoff 50 ha heidegrond tussen de Driebergsestraatweg en de Arnhemse Bovenweg van Domeinen. Hierop bouwde hij het daaropvolgende jaar een villa met neogotische ramen en een rieten dak. Ten noorden van de Arnhemse Bovenweg kocht hij aansluitend nog 61 ha grond. Dit werd deels als bouwland, deels met bosbouw, in cultuur gebracht.

Na het overlijden van Hoff, in 1839, kocht de Langbroekse burgemeester H. de Vriendt het land. In 1851 werd het gekocht door A. Pit, die het in 1861 verkocht aan G. Vas Visser. Deze sloopte de oorspronkelijke villa en bouwde een nieuwe hoofdwoning. Op het landgoed zijn nog steeds oorspronkelijke woningen voor het personeel aanwezig: een koetsierswoning, tuinmanswoning, stokerswoning, kinderhuisje en ijskelder aanwezig. Aan weerszijden van de toegangsweg bevinden zich portierswoningen. Naast de koetsierswoning bevond zich het koetshuis, maar dat werd in 1953 door brand verwoest. Op het landgoed werd ook een boerderij, met aparte varkensstal en paardenstal, gebouwd.

Een van de twee portierswoningen

Nadat het in 1880 en 1884 doorverkocht was, kwam het leegstaande buitenhuis, Villa Heydepark, in 1885 in bezit van Hendrik Maurits Jacobus van Loon, een Nederlandse bankier. J.N. Landré bouwde, in opdracht van Van Loon, een nieuwe woning in Neorenaissance-stijl naar voorbeeld van het Centraal Station te Amsterdam en het Rijksmuseum. In de buurt kwam het gebouw al gauw bekend te staan als 'het paleis'. Het huis was voorzien van alle gemakken van die tijd, zoals stromend water en elektriciteit. Daarvoor werd zelfs een aparte elektriciteitscentrale gebouwd. Het hoofdgebouw is in gebruik onder de naam Oranjerie Hydepark. Tuinarchitect Hendrik Copijn kreeg de opdracht het landgoed, omgedoopt tot Hydepark, in te richten. Net als in Kasteel de Haar bracht hij een berceau aan in de tuin.

In de Tweede Wereldoorlog werd het hoofdgebouw in gebruik genomen door Duitse soldaten. Het huis raakte beschadigd door een Brits bombardement. Kort voor het einde van de oorlog had er een drinkgelag plaats in de kelder. De munitie die daar lag opgeslagen kwam tot ontploffing, waardoor het huis verwoest werd.

Het landgoed werd in 1951 gekocht door de Generale Financiële Raad van de Nederlandse Hervormde Kerk. Deze Raad wilde het gebruiken als onderkomen voor hun Theologisch Seminarium. In de laatste fase van hun kerkelijke opleiding zouden hervormde theologiestudenten zich op het park bezinnen op hun toekomstig ambt als predikant. Naast hervormde studenten kwamen er tevens veel gereformeerde theologiestudenten voor studieweekenden en conferenties. Ook werd het landgoed gebruikt voor conferenties van de hervormde synodevergaderingen. Anno 2019 is het Theologisch Seminarium als nascholingscentrum onderdeel van de Protestantse Theologische Universiteit.

Op Hydepark werd de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) formeel opgericht. Op vrijdag 30 april 2004 ondertekenden de voorzitters en secretarissen van de drie betrokken kerken de notariële akte.

In februari 2007 werd de voormalige koetsierswoning op het seminarieterrein, na meer dan een jaar leegstand, gekraakt.[1]

In april 2011 is de ommuurde moestuin, aan de zuidrand van het complex, na een ingrijpende restauratie heropend.[2] De moestuin ligt bij het terrein van de Doornse vestiging van Bartiméus.

Per 1 juli 2014 werd het conferentiecentrum gesloten. Ook in het nabijgelegen F.D. Roosevelthuis, een zorghotel, gebouwd in 1968, was het onmogelijk om tot een sluitende exploitatie te komen. Beide gebouwen waren bovendien zodanig verouderd dat het niet rendabel was om ze op te knappen. Het gebouw van de PKN werd gesloopt. Het orgel, de vleugel en een deel van de voorwerpen uit de voormalige kapel zijn in de nieuwe kapel ondergebracht. Het nieuwe conferentiecentrum, Nieuw Hydepark genaamd, is in 2016 in gebruik genomen. Na sloop van het zorghotel, de nieuwe naam ervan is Rooseveltpaviljoen, werd dat deel van het terrein teruggegeven aan de natuur. In het nieuwe gebouw, met hotelkamers op 3-sterrenniveau en vergaderzalen, zijn alle functies geïntegreerd.

    

                     Hier onder een foto van het Oorspronkelijke Hyde Park in 1905

 


                       Hier onder het nieuwe "New Hyda Park" sinds 2016


                                                       2024  en   ↓  2025


Vanaf terras heb je een fraaie zichtlijn richting de weg van Driebergen naar Doorn


          Dit huis staat dan ook nog eens naar schatting ±  60-80 mtr. v.d. weg af

     Hier lijkt het net alsof dit vlak a.d. weg staat, omdat je nog we wat van de         richtingsborden kunt herkennen.

Wanneer je op het terras zit en die richting uit kijkt lijken de auto's net op de
 "Dinky Toys"


               
                      Zomaar een opname van een boom die door het hekwerk is gegroeid


                                                Onze I K A vakantie 17 - 24 mei


                                                 Dit jaar bestond het I K A| 60 jaar



                                                  Op zondagmorgen bij de koffie 
































     Eveb bijkomen van het bekijken van de beelden op het gezellige terras in een aangenaam zonnetje.



















Hier boven zie je enkele foto's van de Orangerie, die er ook bij hoort.


 Deze wandeling ging over mooi aangelegde paden vanaf het terras tot aan de Driebergseweg.




                                                 Fraaie bomenpartij op de achtergrond











         Bij de Orangerie was de fotograaf bezig omm een bruidsreportage te maken

  




















                                   3 kleine potjes met zeer smaalvolle tabakshoning



                            Opweg naar de Thee- en Groentetuin van Bartimeus











                                       Menu van het Galadiner                                  

               
           Als slotvan een heeel fijne week het optreden van:



    
Onderstaan artikel heb ik opgenomen omdat ik mijn geliefde ook heb leren kennen via het LCH in De Bilt. Maar nu ook terug kijk op een mooie tijd, wat schrijf je aan een onbekende vriendelijke dame, die net als jij ook ingeschreven staat.

Denk dat later, als wij er niet meer zijn, zullen lachen om het gene dat ik toen geschreven heb, ga er van uit dat Anneke ze heeft bewaard. Dat is dan een verrassing voor onze dochters.                         

Onderstaand artikel gevonden op het Internet - Wikipedia

Op 30 september 1969 ging het Landelijk Centrum voor Huwelijkscontacten (LCH), gevestigd in De Bilt, onder leiding van de oud-directeur van het katholieke bureau, J.C.W. van der Linden, van start. Ook mevrouw A. Heinen-van de Werff trad als maatschappelijk werkster in dienst van het lch. De gecombineerde, nieuwe organisatie bleek in een duidelijke behoefte te voorzien. Bij het tienjarig bestaan van het LCH waarbij ook de toenmalige staatssecretaris van CRM, G.C. Wallis de Vries, ten behoeve van de jubileumbrochure een inleidend artikel met zijn gelukwensen schreef, kon gemeld worden dat tot en met 1978 4032 ingeschrevenen geslaagd waren, dat wil zeggen dat 2016 huwelijken aan het bureau waren doorgegeven.18 Het aantal inschrijvingen bewoog zich rond de 1500 per jaar en dat was aanmerkelijk groter dan tevoren bij de vier bureaus. Per jaar gaven 500 tot 600 ingeschrevenen te kennen dat zij via het LCH een partner hadden gevonden. Het aantal lag waarschijnlijk nog hoger omdat er geen verplichting bestond tot melding van gevonden partners en sommige ingeschrevenen ook vanwege gêne geen bekendheid wilden geven aan het vinden van hun partner via het LCH. Daarnaast kwam het met enige regelmaat voor dat recent ingeschrevenen zich na korte tijd lieten uitschrijven omdat zij buiten het bureau een partner hadden gevonden als gevolg van attitudeverandering door het zgn. de-conditioneringseffect: hun besluit tot aanmelding werkte als een katalysator waardoor zij hun leefomgeving als het ware met andere ogen gingen zien. In 19 77 waren dat bijvoorbeeld niet minder dan 15 7 en in 1978 1 5 1 ingeschrevenen.

19

Huwen en hokken. De generale synode van de GKN spreekt!
Aan het einde van de jaren zeventig kwam het latente probleem van de vereiste huwelijksgerichtheid aan de oppervlakte. Steeds meer kandidaten lieten blijken (nog) geen antwoord te willen geven op de vraag of ze de bedoeling hadden tot een huwelijk te komen als ze een wederzijdse passende vrouw of man hadden ontmoet. Na een lange interne discussie werd aan de bestuurlijke participanten voorgesteld de doelstelling te verbreden in de richting van duurzame man - vrouw - relaties. De voorwaarde van huwelijksgerichtheid zou komen te vervallen, maar de beoogde relatie diende wel duurzaam te zijn. De verantwoordelijkheid voor de inhoud en vorm van een relatie berust uiteindelijk bij de betrokkenen zelf, zo overwoog het bestuur van het LCH . Dat voorstel viel bij de participanten met een kerkelijke binding en in het bijzonder bij de GSA, waarvoor niet alleen de Gereformeerde Kerken, maar ook de Christelijke Gereformeerde Kerken verantwoordelijkheid droegen, niet in goede aarde. De gemoederen raakten verhit. De GSA organiseerde enkele discussiebijeenkomsten over het gerezen vraagstuk en publiceerde een brochure.20 Het bestuur van het LCH probeerde een uitweg te vinden met een voorstel tot oprichting van een parallel functionerend contactbureau voor duurzame man –vrouw - relaties waarvoor de GSA dan geen verantwoordelijkheid zou dragen. Toen het bestuur van de GSA dit voorstel besprak en formeel besloot niet bestuurlijk deel te nemen in het contactbureau voor duurzame relaties, maakte deputaat-bestuurslid ds. G. van Loenen gebruik van zijn vetorecht en beriep zich op de generale synode.11 Betrokkene was van oordeel dat ongewild partner-loze leden van de kerken door dit besluit in nood werden gebracht. De uitvoering van het besluit van het bestuur van de GSA werd opgeschort. De generale synode van de Gereformeerde Kerken besprak de kwestie in haar zitting van 3 april 1978. Er kwamen diverse voorstellen en tegenvoorstellen in bespreking. Uiteindelijk besloot de synode met “ grote meerderheid van stemmen deputaten voor contact en overleg met de Stichting GSA op te dragen binnen het bestuur van de GSA niet mede te werken aan de uitvoering van het besluit tot deelname in het Centrum voor Duurzame Relaties ” . De synode gaf voorts aan het deputaatschap Pastoraat de opdracht om “ studiemateriaal aan te dragen over de vragen van huwelijk, sexualiteit en samenleving en aan het Toerustingscentrum op te dragen dit materiaal voor de kerken bruikbaar te maken” 

.12 De discussie in en besluitvorming van de generale synode kreeg landelijke publiciteit. “Hokken mag niet van de Synode” , zo kopte het dagblad Trouw de dag daarop.
Opvallend in de besluitvorming van de generale synode was dat bedoelde opdracht gegeven werd aan deputaten Pastoraat en niet aan deputaten GSA of aan deputaten Diaconale Arbeid die toch primair gericht waren op sociale noden en problemen. In de klassieke botsing tussen ethische norm en sociaal feit koos de synode voor de norm.
Het opgerichte nevenbureau zonder deelname van de GSA bleek echter geen oplossing te bieden voor het ontstane probleem. Het nevenbureau had natuurlijk nog weinig ingeschrevenen en kandidaten gaven steeds vaker aan geen voorafgaande keuze tussen samenwonen of huwelijk te willen maken. De tweedeling tussen ‘huwenden’ en ‘hokkenden’ riep in de media ook spotlust op. Na een half jaar werd het nevenbureau opgeheven.

Het bestuur van het LCH besloot tot de eerder voorgestelde verbreding van de doelstelling en veranderde de naam in Landelijk Centrum voor Huwelijkscontacten en andere duurzame man –vrouw - relaties. Overwegende dat gereformeerde ongewild niet-gehuwden niet in de steek mochten worden gelaten en dat het beoogde studiemateriaal nog moest worden aangedragen, besloot het bestuur van de GSA bij meerderheid met het besluit van het bestuur van het LCH vooralsnog in te stemmen.

13 De deputaat-bestuursleden van de GSA, benoemd door de generale synode van de Christelijke Gereformeerden Kerken traden toen af op aanwijzing van hun generale synode.

Einde van het LCH.


In de tweede helft van de jaren tachtig liep het aantal inschrijvingen langzaam terug, vooral van mannen. Veranderende opvattingen over huwelijk en relaties speelden daarbij een belangrijke rol. In vergelijking met het plaatsen van een goedkope advertentie in dag- of weekbladen die direct reacties kon opleveren, werd de inschrijvingsprocedure van het LCH als bezwaarlijk en voor sommigen ook als bevoogdend ervaren. Daarnaast vroeg de correspondentiemethode nogal wat inspanning en bekwaamheid van de ingeschrevenen, ook al konden zij daarbij hulp van het bureau krijgen. Kortom, het zoeken en vinden van een partner moest directer, sneller en minder aan voorwaarden gebonden zijn. Het bestuur van het LCH probeerde zoveel mogelijk aan de nieuwe verlangens tegemoet te komen. Zo konden ingeschrevenen aan het bureau vragen hen in contact te brengen met andere ingeschrevenen van hun keuze om sneller een reactie te verkrijgen. Ook werd de mogelijkheid geopend dat het bureau op hun verzoek namens ingeschrevenen reageerde op bepaalde advertenties in dag- en weekbladen om zo toch hun persoons- en adresgegevens te beschermen. De nieuwe mogelijkheden boden op termijn echter onvoldoende soelaas. In breder verband nam de reikwijdte van geloof en kerk in de samenleving af, waardoor ook de wervingskracht van het LCH als levensbeschouwelijke en ideële organisatie werd aangetast. Ook kwamen er steeds meer commerciële bureaus die over grotere budgetten voor reclame konden beschikken en die met een andere inhoud en stijl (‘Met Kerst niet meer alleen!’ ) adverteerden dan het LCH. Sommige commerciële bureaus werkten met filmfragmenten over ingeschrevenen waaruit een keuze voor een partner kon worden gemaakt. De aard van de beoogde relatie werd gerelativeerd: naast duurzame ook vakantie- en weekendrelaties. Het bestuur van het LCH was van oordeel dat de principiële uitgangspunten niet mochten worden losgelaten en dat geen concessies aan de tijdgeest mochten worden gedaan. Het aantal inschrijvingen daalde geleidelijk verder en er ontstond ook een scheve verhouding tussen de verschillende categorieën naar leeftijd en opleiding. Het vroegere beeld bij het GHC herhaal
  van oordeel dat de principiële uitgangspunten niet mochten worden losgelaten en dat geen concessies aan de tijdgeest mochten worden gedaan. Het aantal inschrijvingen daalde geleidelijk verder en er ontstond ook e de zich. Meer vrouwen met hogere opleiding en minder mannen die bovendien een wat lagere opleiding hadden gevolgd. Kortom, de kansen om te slagen bij het LCH namen verder af. Financiële middelen voor meer advertentiecampagnes had het LCH onvoldoende. Het bestuur van het LCH moest ten slotte in 1990 besluiten het LCH op te heffen, ook in verband met de rechtspositie van het af te vloeien personeel. Aan ruim veertig jaar dienstverlening vanuit de onderscheiden kerken en het Humanistisch Verbond waarvan twintig jaar gemeenschappelijke dienstverlening aan ongewild niet-gehuwden en ongewild partner lozen, kwam helaas een einde. Voor de nog ingeschrevenen was dat uiteraard zeer pijnlijk.

Bron Wikipedia -- Internet

Wanneer je alles op je laat inwerken dat is het in die tijd wel een zware bevalling geweest, mede omdat diverse kerk- en geloofsgenootschap al wel zo iets deden vanuit hun diaconieën.

Eigenlijk was het de voorloper van diverse andere huwelijksorganisaties en  nu het internet daten.


                  Onze Zonnebloemvakantiereis van 22 - 27 september 2025

Dit was onze 5e vakantiereis met de Zonnebloem, weer een culinaire reis, deze keer ging het richting Antwerpen - Willemstad - Gorinchem en Nijmegen, vanm hier uit weer naar Arnhem.



Deze was er iemand die op de piano kon spelen, hij was van alle markten thuis, was heel aangenaam dat er af en toe life muziek te horen.


                                         Voor iedereen een welkoms gebakje


Op maandag de 2ste begonnen ze te varen tegen 3 u, na nog wat brandstof en water te hebben ingenomen, ging het weer verder naar de Waal, bij Pannerden draai hje zo van de Rijn de Waal op. Ze zijn door gevaren tot voorbij de Volkeraksluizencomplex, de grootste van Europa. Van hier uit kon je zonder oponthoud door varen tot Bazel in Zwitserland.

Hier onder zie je het Volkeraksluizencomplex.


                      
                                                         Ons Diner van 22 september 2025
    



                                                           




               

                                                  

                                           





         Hier onder zie je een foto waar we in zo'n brug lopen.





          waren veel van deze etalages met allemaal lekkere bonbons te zien





       






Hier onder het arsenaal

Het was oorspronkelijk een wapen opslag plaats 


                                                                                           
                                                              Het Mauritshuis